Eva Jospin, Forêt Palatine, 2019-2020. Foto: Benoit Fougeirol. Courtesy Eva Jospin and Galerie Suzanne Tarasieve

Compostgeweten

Gedicht door Marieke Lucas Rijneveld

Tussen de bomen gezeten, bladeren we door dit
kartonnen leven. Onze handen bouwen alles wat we zien,
door de blikken van de berken hebben we weinig te vrezen,
pas in de kreukelzone van het schemeruur vinden we het

kwetsbare, vinden we alles wat op snelwegtempo aan ons
voorbijgaat, wat in een kringloop terechtkomt zonder afscheid
te nemen en hoe we denken dat we alles willen behouden
wat we zo koesteren, waardoor we kunnen ademhalen,

een stam omarmen en niet zo domweg alles voor lief nemen.
Van papier maken we rotsen, stenen en planten, we maken
het paradijs na en vergeten de slang, vergeten het kwaad,
hier is alles geruststellend en zacht, hier is iedereen welkom.

Afbreekbaar zijn we, de mens begint en eindigt, een bloem
bloeit en sterft, daartussen schaarse momenten van zekerheid.
De luchtkastelen die we maken verdwijnen zodra we er niet meer
in geloven, er is alleen sprake van bladoverlast als de grond

onder je glibberig wordt, als er niets meer is om je aan vast te
houden, als sprookjes niet slecht aflopen, als de takken
niet je vrienden maar je vijanden – zo zullen wij nooit worden,
we boetseren het onsterfelijke, we boetseren ons broos en

gelukkig. In het atelier van de namiddag staan we in dienst van
de natuur, zij overwoekert enkel als je geen weet hebt van je
embaarheid, dat het liefdevol en niet ruig, dat je haar grenzen
geeft, maar meer nog de ruimte en ontluikkans. Vergeet niet

af en toe stil te staan, door de bomen het bos te zien, of een
bos te worden, laat je onmetelijk verwonderen, laat af en toe je
geweten composteren en alles wat zo onmogelijk lijkt kan
bemest worden en groeien, tot in het oeverloze.