De raad van toezicht van Het Noordbrabants Museum heeft begin december 2025 via de ondernemingsraad een brief ontvangen van 21 medewerkers met zorgen over werkcultuur, samenwerking en strategische koers. De raad van toezicht heeft deze signalen opgepakt. Binnen korte tijd is onder meer besloten tot het instellen van een onafhankelijk extern onderzoek, uitgevoerd door organisatieadviesbureau 2KnowHow Het onderzoek is inmiddels afgerond en heeft helderheid gegeven over de situatie binnen de organisatie.
Snel naar:
In totaal hebben 75% van de bijna 70 medewerkers en enkele oud-medewerkers gebruik gemaakt van de gelegenheid die aan iedereen aangeboden is om hun ervaringen vertrouwelijk en anoniem te delen. Het onderzoek gaf ruimte aan alle medewerkers om aan te geven hoe zij de aansturing en samenwerking binnen het museum ervaren, met als doel hierin patronen en structuren te vinden die een aanknopingspunt kunnen vormen voor verbetering.
Uit het onderzoek blijkt dat er vanuit de medewerkers brede steun is voor de strategische koers en vernieuwende inhoudelijke richting van het museum. Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat het tempo van veranderingen en de ervaren werkdruk binnen de organisatie als te hoog worden ervaren, en dat er in de samenwerking en aansturing behoefte is aan meer afstemming, zorgvuldigheid en ruimte voor verschillende perspectieven. De raad van toezicht ziet het als een belangrijke opdracht om hier samen verbetering in aan te brengen.
Het onderzoek laat zien dat de situatie niet door iedereen hetzelfde ervaren wordt, maar vraagt om meer balans en aanpassingen in de aansturing. Aanpassing van het tempo, meer afstemming, zorgvuldigheid en ruimte voor verschillende perspectieven zal de verbinding met de medewerkers verbeteren en is ook nodig om de band met de externe omgeving te versterken of te herstellen.
De raad van toezicht ziet op basis van het onderzoek mogelijkheden tot verbetering en heeft besloten om vanaf 1 mei 2026 over te gaan naar een tweehoofdig bestuur.
Jacqueline Grandjean blijft primair verantwoordelijk voor het artistieke beleid, de visie en de strategische koers van het museum.
De raad van toezicht heeft Hans van de Bunte per 1 mei 2026 voor een periode van twee jaar benoemd tot zakelijk directeur en bestuurder, naast directeur-
bestuurder Jacqueline Grandjean. Met zijn benoeming wordt de bestuurlijke structuur van het museum versterkt. Hans zal zich richten op de dagelijkse aansturing van de organisatie, de interne werkprocessen en het versterken van de samenwerking binnen het team.
De aanpassingen zijn erop gericht om meer balans te brengen in de organisatie en te bouwen aan een duurzame, veilige en gezonde werkomgeving. Beide bestuurders rapporteren direct aan de raad van toezicht.
Jasmijn de Visser, zakelijk directeur van Het Noordbrabants Museum, heeft besloten haar loopbaan elders voort te zetten en zal per 1 mei 2026 het museum verlaten. Haar besluit staat volledig los van de bevindingen en conclusies uit dit onderzoek. Haar taken worden overgenomen door Hans van de Bunte.
Naast de interne maatregelen is het van belang om aandacht te hebben voor het draagvlak extern. In gesprekken met de belangrijke subsidiënten is gebleken dat ook zij strategische koers en de vernieuwende inhoudelijke richting ondersteunen. Ook hier is echter het tempo en de wijze waarop van belang en moeten we blijvend het gesprek op open wijze voeren. Ditzelfde geldt voor de sponsoren en vrienden van het museum.
Eric van Schagen, voorzitter van de raad van toezicht: “Voor ons staat voorop dat mensen een open en prettige werksfeer ervaren en zich weer verbonden voelen met elkaar en met het museum. We willen de komende periode werken aan het herstellen van vertrouwen binnen en buiten het museum en het versterken van de eenheid binnen de organisatie. Dat vraagt ook dat we als raad van toezicht en directie kritisch naar onszelf en onze rol kijken en waar nodig dingen anders doen. Alleen vanuit die basis kunnen we verder bouwen aan de toekomst van het museum.”
De raad van toezicht blijft verantwoordelijk voor een zorgvuldige opvolging van het onderzoek, met oog voor alle betrokkenen en het belang van het museum. Deze vervolgfase vraagt tijd, aandacht en openheid en zal in de komende periode verder vorm krijgen.
De continuïteit van het museum, de programmering en lopende activiteiten zijn en blijven geborgd.